Het is schilderij “coming up” van Jan Commandeur is gemaakt in het jaar 2005.
Commandeur exposeerde zijn schilderijen onder meer in het MoMA in New York, het Stedelijk Museum, Singer Laren, het Van Abbemuseum en het Cobra Museum. In 1982 was zijn werk te zien op de Biënnale van Venetië.
In het werk van Jan Commandeur wordt de paradox van het leven zichtbaar.
Veel van zijn werken zijn grote schilderactige, schijnbaar abstracte doeken, in de sfeer van het Abstract Expressionisme. De penseelstreek is breed en vrij en vol beweging, terwiji de composities een sterke monumentaliteit vertonen. De kleuren zijn uitgesproken, zowel in hun contrastwerking als in hun sfeer; binnen een doek kan zowel een tonalistisch als helder kleurpalet voorkomen.
Bij nadere beschouwing ontwaren we echter meer dan dit krachtige formele spel van schilderkunstige elementen. Want net zoals de verbeeldingskracht van de ontvankelijke kijker in het spel van de wolken en in de grillige structuur van boomschors wonderlijke herkenbare vormen kan ontwaren, zo kunnen we ons ook overgeven aan de visuele wereld van Jan Commandeur. De aanleiding voor een schilderij is voor hem altijd een concreet waargenomen beeld van de natuur. Hij kan gegrepen worden door het ritme van een bomenrij, door het beweeglijke spel van lucht, licht en water en hun geheimzinnige trans-parantie, door de kracht van een landschappeljk lijnenspel gezien vanuit het vogelvlucht perspectief krachten. En in zijn schilderkunst gaat dit beeld een eigen leven leiden; de fascinatie van de waargenomen natuur krijgt een equivalent in een schilderkunstige werkeljkheid. Want net zoals de oervader van de modernistische schilderkunst Paul Cézanne, wil Jan Commandeur niet de werkelijkheid nabootsen, maar een nieuwe werkelijkheid scheppen met het kunstwerk. Zoals hij zelf beschreef:”Ik probeer de poëzie te vangen van een helder moment, een moment dat gezien wordt, omdat het herkend wordt.”
Een werkelijkheid waarin hij de ware aard van het leven en de dingen manifest wil maken. Niet slechts vanuit een simpele schoonheidser-varing, maar juist vanuit de contrasterende onrustbarende elementen, die de natuur kunnen verstoren en haar raadselachtig en in wezen ongrijpbaar maken. De vitaliteit van het leven, maar ook de destructieve krachten die dood en verderf kunnen zaaien, ziet en ervaart hij in de aardse werkelijkheid. De heftigheid van zijn doeken toont het leven in al zijn gewelddadige en kwetsbare implicaties.
Het is een strijd die hij aangaat met het doek en zijn schildersmaterialen. Het is niet voor niets dat Jan Commandeur een sterke voorkeur had voor grote doeken en voor olieverf. Het formaat van het opgespannen linnen en de weerbarstigheid van het materiaal dwingen hem om in de vereiste schildersbeweging ook lichamelijk de natuur krachtig te benoemen. En wellicht te beteugelen. Om zijn handschrift open en vrij te houden, maakt Commandeur ook regelmatig werken op papier. De gouaches die hieruit voortkomen, vertonen een grote transparantie en beweeglijkheid. Het stromen en de voortdurende voortgang van het bestaan worden zichtbaar in deze werken, die de tijdelijkheid van het leven voor een moment lijkt vast te willen grijpen.
Nadrukkelijk spreekt Jan Commandeur zich uit. Zijn werken zijn nergens vrijblijvend, zij gaan ergens over. Onontkoombaar is de vergankelijkheid, maar in het kunstwerk krijgt juist dit een blijvende waarde.