Mado Schoolmeesters, de voormalige echtgenote van Janus Nuiten, blijft in haar vroege werk eveneens dicht bij de Vlaamse expressionisten, maar in exposities van later werk zien we toch iets van het teruggrijpen op primitieve kunst.
Janus Nuiten was ook één van die sterke schilders die zich nooit gek heeft laten maken door Cobra. Natuurlijk, hij nam er wel degelijk kennis van. Net als van andere kunststromingen, zoals hij tot op de dag van vandaag blijft kijken naar het werk van vele kunstenaars op zoek naar kwaliteit. Toen Cobra het gesprek van de dag werd had Janus al een brede en intensieve ontwikkeling doorgemaakt. In de naoorlogse jaren maakte hij in de Bredase Kunstkring kennis met het werk van Jan Sluijters, Raoul Hynckes en Dio Rovers en eerder in zijn jaren op de Tilburgse Academie met het werk van Kees van Dongen en Charles Eyck. Daarna ging Janus naar Antwerpen: naar het Hoger Instituut. Daar herenigde hij zich weer met zijn oude vrienden uit de Tilburgse Academietijd, zoals Nico Molenkamp, Hans van Zummeren en Joost Sicking. Janus heeft circa zeven jaar in deze stad doorgebrachten heeft er het werk van de Vlaamse Expressionisten goed leren kennen. In een interview voorjaar 2007 met Directeur Jeroen Grosfeld van het Breda’s Museum heeft hij onder meer verteld dat hij in Antwerpen weinig geschilderd heeft, maar wel veel getekend en dat daar Cobra wel eens onderwerp van gesprek was en dat er wel eens werk van Karel Appel te zien was, maar dat was het dan. Men bleef daar toch voornamelijk gericht op de Vlaamse Expressionisten.
Na zijn Antwerpse tijd vestigt Janus Nuiten zich met Mado Schoolmeesters in Breda. Daar begint het echte werk. Zijn eerste exposities houdt hij in de Beyerd in Breda waar hij later ook regelmatig blijft terugkomen. Janus heeft in zijn bijna 60-jarig kunstenaarsschap in vele musea en galeries in het hele land geëxposeerd. Critici prijzen zijn veelzijdigheid. Janus schildert, tekent en maakt veel grafisch werk. Persoonlijk was ik erg onder de indruk van bijvoorbeeld zijn pointillistische schilderijen uit het begin van de 90-er jaren waarin hij het Zeeuwse landschap en het Zeeuwse licht verbeeldt. En dan die prachtige miniatuurtjes van het Zuid-Franse berglandschap, getekend met Oost-Indische inkt op schuurpapier! Degenen die in 2005 Janus’ expositie hier bij Galerie Kolff hebben bezocht, zullen net als ik getroffen zijn door lino’s van naakten waarbij Janus teruggrijpt op zijn tekenwerk uit 1955; zijn Antwerpse tijd.